ph.FAB/shutterstock
Davy Klaassen denkt op zeker dat Ajax uit haar slechte periode zal gaan komen. Daarnaast haalt de 33-jarige middenvelder hard uit naar alle oud-spelers die kritiek hebben gehad op hun oude club. Ook blikt hij terug op de roerige periode die de Amsterdammers ondervonden onder de inmiddels ontslagen John Heitinga.
“Ik had gewoon een goede band met John, ik ken hem al lang”, begint Klaassen in een uitgebreid interview met Voetbal International. “Een ontslag is nooit leuk, maar zeker niet als je iemand best wel goed kent. Helemaal als ik dan bedenk wat voor een Ajacied hij is, dan doet het nog extra pijn. Je weet natuurlijk dat het zo werkt, professioneel gezien, als we zo weinig winnen. Het lastige is ook: de trainer gaat eruit, maar we hebben met zijn allen gefaald, dat moet je nooit vergeten. Als een trainer eruit gaat, is iedereen daar verantwoordelijk voor, klaar. Alle spelers, iedereen die bij Ajax werkt, zo moet je het wel voelen, vind ik.”
“Bij Ajax komt het altijd weer goed”
Hoewel de Amsterdammers het al een langere periode moeilijk hebben, blijft Mister 1-0 positief. “Bij Ajax komt het altijd goed”, stelt hij. “Dat is uiteindelijk echt zo. Zeker als je teruggaat kijken naar de periodes dat Ajax écht goed was, dan ging er eigenlijk altijd zo’n periode aan vooraf. Dus ik snap dat veel mensen denken dat het nog lang zal duren, maar het kan ook heel snel omdraaien. Daar moeten wij met z’n allen heel hard mee bezig zijn om dat zo snel mogelijk te bewerkstelligen.”
Ajax is vaak in het nieuws en zeker niet altijd positief. De meningen van anderen, helemaal van mensen met een Ajax-verleden, kunnen Klaassen zeer storen. “Het is ook heel belangrijk dat iedereen die het beste voor heeft met Ajax, ook écht probeert Ajax naar voren te helpen in plaats van zichzelf. Dat gevoel krijg je soms, als iedereen van alle kanten maar blijft roepen. Ik kan me daar soms wel aan storen: je bent toch Ajacied, je wil Ajax toch helpen? Dan kan het niet zo zijn dat je eigen bv belangrijker is dan dat. Dan ben je in mijn ogen geen échte Ajacied.”
<