
De wedstrijd tussen Ajax en PSV kreeg een uiterst discutabel moment toen Ruben van Bommel hard in botsing kwam met Aaron Bouwman. Van Bommel kreeg geel, maar daarmee was de discussie allerminst voorbij. Integendeel: vooral de vraag waarom de VAR niet ingreep, zorgt voor de nodige verbazing. Had Van Bommel van het veld gestuurd moeten worden?
Wie de beelden rustig terugkijkt, kan moeilijk volhouden dat het slechts om een normale, stevige voetbalactie ging. Van Bommel kwam met enorme snelheid in het duel en raakte Bouwman hard. Dat de PSV’er niet de intentie had om zijn tegenstander te blesseren, staat daar eigenlijk los van.
Geen opzet, maar wél levensgevaarlijk
Het sterkste argument om Van Bommel geen rood te geven, is dat er geen sprake lijkt te zijn van opzet. Hij wilde Bouwman niet bewust raken en ging voor de bal. Dat is belangrijk om mee te nemen, want een speler moet niet automatisch rood krijgen omdat een tegenstander na een duel geblesseerd raakt.
Maar daar houdt het verhaal niet op.
Voetbal is een contactsport, maar spelers hebben ook de verantwoordelijkheid om hun tegenstander niet onnodig in gevaar te brengen. Wanneer je met hoge snelheid een duel aangaat, moet je weten wat er kan gebeuren. Zeker wanneer je nauwelijks controle hebt over de manier waarop je terechtkomt.
Bij Van Bommel was die controle er onvoldoende.
Bouwman werd hard geraakt en kwam ongelukkig ten val. Het was een actie waarbij de veiligheid van de Ajax-verdediger duidelijk in gevaar kwam. Dat maakt de overtreding veel meer dan alleen een ongelukkige botsing.
De VAR had hier juist voor moeten worden gebruikt
En daar begint de echte discussie: de VAR.
De scheidsrechter moet een beslissing soms binnen een seconde nemen. Vanuit zijn positie kan een duel er bovendien anders uitzien dan op camerabeelden. Daarom is er de videoscheidsrechter. Niet om iedere overtreding opnieuw te beoordelen, maar juist om situaties te corrigeren waarin een rode kaart mogelijk over het hoofd is gezien.
Dit was zo’n moment.
Wanneer meerdere camerabeelden laten zien hoe hard Van Bommel het duel ingaat en hoe ernstig Bouwman wordt geraakt, is het moeilijk te begrijpen dat er geen uitgebreide herbeoordeling kwam. De VAR had de scheidsrechter naar het scherm kunnen sturen en hem de mogelijkheid kunnen geven om de situatie nogmaals rustig te bekijken.
Dat betekent niet automatisch dat de scheidsrechter na het bekijken van de beelden rood móést geven. Maar de mogelijkheid om de beslissing opnieuw te beoordelen had er volgens veel voetbalfans en kenners absoluut moeten zijn.
Waarom geel hier niet genoeg was
Een gele kaart is bedoeld voor een overtreding die stevig of onreglementair is, maar niet de grens naar een directe rode kaart overschrijdt. De vraag is dus waar die grens ligt.
Die grens wordt in het moderne voetbal steeds duidelijker bepaald door het gevaar dat een actie met zich meebrengt. Het gaat niet alleen om de vraag of een speler de bal raakt of wat zijn intentie was. Ook snelheid, kracht en de manier waarop het duel wordt ingezet tellen mee.
En juist op die punten scoorde de actie van Van Bommel slecht.
Een speler die met grote snelheid een tegenstander raakt zonder voldoende controle over zijn lichaam te hebben, kan een enorm risico veroorzaken. Het feit dat het uiteindelijk “meevalt” met de gevolgen, zou daar niets aan moeten veranderen.
Als Bouwman geen ernstige blessure had opgelopen, was de overtreding nog steeds dezelfde overtreding geweest.
De ernst van de blessure mag niet leidend zijn
Dat is een belangrijk onderscheid. Het is verleidelijk om een overtreding achteraf zwaarder te beoordelen omdat een speler geblesseerd raakt. Maar dat zou niet de juiste maatstaf zijn.
Stel dat twee identieke tackles worden uitgevoerd. Bij de ene speler staat het slachtoffer direct weer op, terwijl de andere speler maandenlang uitgeschakeld is. Dan kan het niet zo zijn dat de ene tackle rood en de andere geel oplevert.
De beoordeling moet gaan over de actie zelf.
Toch zegt de reactie van Bouwman na de botsing wel iets over de impact van het moment. Het bevestigt dat Van Bommel een zeer harde en risicovolle actie inzette. Het is dus geen bewijs op zichzelf voor rood, maar het maakt de discussie erover wel begrijpelijker.
Van Bommel hoeft geen ‘schurk’ te zijn om rood te krijgen
Tegelijkertijd moeten we Van Bommel niet neerzetten als een speler die bewust iemand uit de wedstrijd wilde schoppen. Dat zou overdreven zijn.
Rood betekent niet automatisch dat een speler kwaadaardig heeft gehandeld. Een voetballer kan een verkeerde beslissing nemen, te laat zijn en met te veel kracht een duel aangaan zonder iemand bewust pijn te willen doen.
Dat onderscheid is belangrijk.
Van Bommel kan dus een faire speler zijn én tegelijkertijd een rode kaart hebben verdiend. Die twee dingen sluiten elkaar niet uit.
Sterker nog: juist bij dit soort situaties moet het voetbal duidelijk maken dat intentie niet altijd voldoende is om een speler te beschermen tegen een zware straf.
Dit is vooral een les voor de arbitrage
Als de arbitrage wil dat spelers beter nadenken over gevaarlijke duels, moet daar ook consequent naar worden gefloten.
Anders ontstaat een merkwaardige situatie. Spelers krijgen voortdurend de boodschap dat veiligheid vooropstaat, maar wanneer iemand vervolgens met hoge snelheid en weinig controle een tegenstander hard raakt, blijft het bij geel.
Dat is moeilijk uit te leggen.
De scheidsrechter kan in een wedstrijd een fout maken. Dat hoort bij voetbal. Maar de aanwezigheid van de VAR maakt dat argument steeds minder overtuigend wanneer er duidelijke beelden beschikbaar zijn. Juist bij een mogelijke rode kaart moet de arbitrage extra zorgvuldig zijn.
<