
Abdellah Ouazane maakt momenteel veel indruk in het eerste elftal van Ajax. De pas zeventienjarige middenvelder doet met zijn spel aan Abdelhak Nouri denken, met wie hij een speciale band onderhield.
“Toen ik vorig seizoen debuteerde tegen Excelsior Maassluis, kreeg ik nummer 68 toegewezen”, begint Ouazane in gesprek met de krant. “Ik heb het niet zelf gekozen, maar ik vind het een mooi nummer. Het is twee keer 34, het nummer van Nouri. Dat ik rugnummer 68 draag, is een eerbetoon aan hem.”
Máár, ze hebben meer overeenkomsten: “We hebben dezelfde bijnaam: Appie. Onze vaders spreken elkaar regelmatig. Toen ik net bij Ajax speelde, in de onder 8, vroeg ik altijd om een foto als ik hem tegenkwam. Hij is nog steeds een voorbeeld voor alle jeugdspelers van Ajax”, vertelt hij.
“Abdelhak Nouri”
“Ik hoop dat ik net als Abdelhak een voorbeeld kan zijn”, vervolgt Ouazane, die vriendelijkheid uit wil stralen. “Ik kom elke dag jeugdspelers en hun ouders tegen op De Toekomst. Dan maak ik een praatje en zeg ik dat ze goed bezig zijn. Ik probeer altijd respectvol en beleefd te zijn, zo ben ik opgevoed”, besluit hij.
<