Elke transferzomer levert dezelfde kop op: een recordbedrag, een nieuw shirt, een jubelende fanbase. Wat zelden in die kop staat, is het bedrag voor de makelaar die de deal verwezenlijkte. Jarenlang kende dat bedrag nauwelijks een plafond, tot het punt waarop het soms bijna net zoveel aandacht trok als de transfer zelf.
Hoe kon dat zo lang doorgaan, en is dat ondertussen veranderd? Het antwoord zit in een stuk voetbalregelgeving die de afgelopen tien jaar drie keer compleet is omgegooid, met deze zomer een nieuwe, onverwachte wending.
Het voorbeeld dat symbool staat voor het probleem
In de zomer van 2016 keerde Paul Pogba voor zo’n 105 miljoen euro terug van Juventus naar Manchester United, destijds een wereldrecord. Paul Pogba keerde voor zo’n 105 miljoen euro terug van Juventus naar Manchester United, destijds een wereldrecord. Uit de Football Leaks-documenten bleek later dat zijn makelaar Mino Raiola aan die ene deal ongeveer 49 miljoen euro overhield. Het bedrag werd in termijnen uitbetaald door Juventus, Manchester United én door Pogba zelf.
Raiola kon hier zo’n gigantisch bedrag aan overhouden doordat FIFA een jaar eerder de regels veranderde. In 2015 was de verplichte makelaarslicentie en het bijbehorende examen afgeschaft. Daar kwam een lichte ‘intermediair’-registratie voor in de plaats, met nauwelijks eisen. Het effect was meteen meetbaar. In Nederland bijvoorbeeld steeg het aantal bij de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) geregistreerde intermediairs binnen een jaar bijna tot het dubbele: van 147 naar 267. Wie zich meldde, mocht meteen aan de slag.
FIFA draait de knop weer om
Die vrije markt bleek geen lang leven beschoren. FIFA erkende zelf dat de lichte aanpak uit 2015 niet had gewerkt en de sector eerder chaotischer dan transparanter had gemaakt. De nieuwe FIFA Football Agent Regulations traden op 9 januari 2023 in werking. Opnieuw was er een verplichte licentie en een examen dat kandidaten moesten afleggen om als makelaar te mogen werken.
Vanaf 1 oktober 2023 volgden zwaardere maatregelen. Er kwam een plafond op de vergoeding die een makelaar mag ontvangen, uitgedrukt als percentage van de transfersom of het jaarsalaris. Ook kwamen er strengere beperkingen op het gelijktijdig vertegenwoordigen van meerdere partijen binnen dezelfde transfer.
FIFA stelde als doel om meer contractuele stabiliteit te krijgen. Daarnaast moest zo de integriteit van het transfersysteem beschermd worden. Tot slot moest meer transparantie ontstaan over de bedragen die in de sector omgaan. Makelaara hadden voor het eerst sinds 2015 weer een concreet bewijs van vakbekwaamheid nodig voordat ze een speler mochten begeleiden.
Zelfs een doordacht systeem kan sneuvelen bij de rechter
Op 16 juli 2026 velde het Hof van Justitie van de EU een oordeel in de zaak RRC Sports tegen FIFA (C-209/23). Delen van het nieuwe stelsel zijn in strijd met het Europees mededingingsrecht en gegevensbeschermingsregels. Twee Duitse makelaars hadden een rechtszaak aangespannen tegen onder meer het provisieplafond, het verbod op dubbele vertegenwoordiging en bepaalde licentievoorwaarden.
Het Hof haalde het stelsel niet in één klap onderuit, maar beoordeelde de regels categorie per categorie. Doordat verschillende sneuvelden, zie je dat zelfs een jarenlang zorgvuldig heropgebouwd reglement alsnog op juridische grenzen kan stuiten. Dit maakt het opvallend wanneer een gereguleerde markt wél overeind blijft. Een online casino met Belgische vergunning opereert bijvoorbeeld al jaren onder het kader van de Kansspelcommissie. En dat houdt al jaren stand.
Concreet oordeelde het Hof dat het verbod om een concurrent te benaderen in strijd is met het kartelverbod. Het venster van twee maanden bevoordeelt zittende makelaars. Ook oordeelde het Hof dat de AVG zich verzet tegen publicatie van sancties en gedetailleerde transactiegegevens van makelaars. Over het provisieplafond en de licentievoorwaarden zelf deed het Hof geen definitieve uitspraak. Die vraag ligt nu bij de Duitse rechtbank in Mainz. Hoe de uitspraak de komende transferperiodes zal beïnvloeden, moet nog blijken.
Wat dit voor spelers en clubs betekent
Voor spelers, clubs en makelaars is de praktische boodschap voorlopig tweeledig. De licentieplicht zelf staat niet ter discussie. Wie als makelaar wil werken, heeft nog altijd een geldige FIFA-licentie nodig, inclusief het examen. Die verplichting is door het Hof niet aangetast.
Het provisieplafond ligt gevoeliger. De Duitse rechter moet nog beoordelen of die cap in verhouding staat tot het doel dat FIFA ermee nastreeft. Dus de uiteindelijke hoogte van een makelaarscommissie staat allerminst vast.
Maar, het lidmaatschap van een makelaar staat steviger overeind dan de vraag hoeveel deze aan een transfer mag overhouden. Voor clubs betekent dit dat onderhandelingen over de vergoeding voor de makelaar voorlopig een onzekere factor blijven in elk transferdossier.
Het is nog lang niet uitgevochten
Wie denkt dat dit vonnis het laatste woord is, vergist zich. De zaak gaat terug naar Mainz. Bovendien liggen er bij andere Duitse rechtbanken vergelijkbare procedures stil. Ze wachten precies op die soort duidelijkheid. Voeg daar de parallelle uitspraak in de zaak ROGON bij. Die werd een week eerder gewezen door dezelfde kamer van het Hof. Hierna wordt het duidelijk dat de makelaarswereld allesbehalve is uitgeregeld. In andere sectoren mogen de spelregels dan wel allang vaststaan, voetbal blijft een sport waarin zelfs de mensen naast de lijn voortdurend opnieuw voor de rechter moeten uitvechten wie waaraan mag verdienen.
<